De Gemeenteraad heeft op 30 september de Verordening lokaal eigendom grootschalige opwek vastgesteld.
Het doel ervan is, binnen de beperkende grenzen van de Energiewet, te bewerkstelligen dat grote opwekinstallaties zoveel mogelijk in handen van lokale eigenaren komen. Concreet gaat het om windmolens van meer dan 2 mW en om zonnevelden en –daken van meer dan 250 kW. De ontwikkelaar van zo een installatie moet zich aantoonbaar inspannen om mensen en/of bedrijven in de omgeving mede-eigenaar te maken. De regel is dat zo gepoogd moet worden minimaal 50 % lokaal te ‘verkopen’.
Tot zover goed nieuws. Goed dat de gemeente langs deze weg probeert juist grote opwekprojecten deels in handen van Amsterdamse bewoners en bedrijven te brengen. De uitwerking van de Verordening stemt ons niet gerust.
Aan rand van de stad wonen weinig mensen
Grote zonprojecten en zeker windmolens passen alleen aan de randen van de stad waar weinig mensen wonen. Met de afstandscriteria voor wat lokaal genoemd mag worden, is de groep bewoners behoorlijk beperkt. Binnen een straal van 10 x de tiphoogte van een turbine (1800 – 2500 meter) en in de postcoderoos rond een zonneproject, woont doorgaans maar een beperkt aantal mensen.
Die groep zou 50 % van het eigen vermogen benodigd voor ontwikkeling en realisatie moeten opbrengen. Dat zal vaak niet mogelijk zijn, is onze inschatting. De ontwikkelaar kan dan laten zien dat hij/zij zijn/haar best gedaan heeft, maar helaas. Vervolgens staat de rest van het project in beginsel open voor iedereen die wil participeren.
Met klein aantal leden groot project financieren?
Er is een aparte bepaling gemaakt voor het geval de ontwikkelaar een energiegemeenschap is. In dat geval hoeft niet apart geworven te worden in de omgeving als de gemeenschap (met een accountantsverklaring) kan aantonen dat minimaal de helft van haar leden binnen de afstandscriteria woont. Dit kan helpen maar zal vaak theoretisch blijken.
Welke energiegemeenschap heeft 50 % van haar leden in de postcoderoos rond een groot zonneproject wonen? En dan ook nog zoveel leden dat daarmee een substantieel deel van het project gefinancierd kan worden. En welke energiegemeenschap heeft minimaal 50 % van haar leden in een straal van maximaal 2500 meter rond een potentiële windturbine wonen? En graag ook zoveel dat zij voor minstens 50 % in het eigen vermogen voor een windmolen kunnen voorzien? En wat als die windmolen in de haven komt, waar überhaupt geen mensen wonen? En wat als uiteindelijk alleen in de haven windmolens komen?
Over twee jaar evaluatie
Het is APEC helaas niet gelukt de Verordening zo te laten aanpassen, dat ze ook praktisch helpt energiegemeenschappen eerder en makkelijker aan grote opwek projecten te helpen.
Over 2 jaar volgt een evaluatie van de regeling. We gaan goed in de gaten houden hoe dit werkt?




